Repeaters

Repeaters zijn steunzenders. Zij worden door radioamateurs opgesteld en onderhouden om verbindingen mogelijk te maken met bijvoorbeeld mobiele stations of portofoons. Vaak staan ze op hoge locaties (in Groningen bijvoorbeeld het gebouw van de Gasunie). Wie dus geen optimale antenne heeft, kan met een repeater zijn of haar bereik flink vergroten.

In Groningen-stad en omgeving kunnen we van drie repeaters gebruikmaken: PI3GRN (VHF), PI2GRO (UHF) en PI2NON (UHF). Ze hebben een flink bereik rondom de stad Groningen en PI2NON is met een vernuftig systeem (Coversity geheten) zelfs in heel Noord- en Oost-Nederland te horen en te bereiken.

Via een repeater werken

Wil je via een repeater kunnen werken, dan moet je een paar dingen weten:

  • De uitgangsfrequentie; dit is de frequentie waarop je de repeater beluistert. Dat kan bijvoorbeeld ook met een scanner.
  • De ingangsfrequentie: hierop moet je zelf zenden; de repeater zendt jouw signaal dan weer uit op de uitgangsfrequentie.
  • De shift: dit is het verschil tussen de ingangs- en de uitgangsfrequentie: die zijn immers niet gelijk.
  • De tooncode (ook wel CTCSS-toon genoemd): dit is een toon die je op de ingangsfrequentie met je signaal meezendt om de repeater te openen. Stel je deze toon niet goed in, dan zal de repeater niet reageren en jouw signaal dus niet doorsturen naar de uitgangsfrequentie.

In de handleiding van je set of portofoon kun je vinden hoe je deze dingen in moet stellen en/of programmeren.

De gegevens voor de Groninger repeaters luiden als volgt:

  • PI3GRN (stad+regio): uitgang 145,750 – shift -0,6 MHz – CTCSS-toon 82,5 Hz
  • PI2GRO (stad+regio): uitgang 430,2375 – shift +1,6 MHz – CTCSS-toon 82,5 Hz
  • PI2NON (Noord- en Oost-Nederland): uitgang 430.2750 – shift +1,6 MHz – geen CTCSS-toon
Meer repeaterfrequenties vind je bijvoorbeeld op Hamnieuws.nl